All for Joomla All for Webmasters

Hoofdstuk 22

Het was een heerlijke zwoele nacht, ik miste de muggen die we in onze wereld zo vervloeken, die menige avond verpesten door hun gezoem, en dan heb ik het nog niet eens over de jeuk na een muggensteek.
Ik was er niet rauwig om dat deze steek muggen er hier niet waren, ik luisterde nu zonder gezoem naar het kabbelende geluid van de golven die tegen de stenen uiteen spatten.
De maan gaf aan de golven een spookachtig effect, ik richting de maan, een moment lang dacht ik dat ik scheel keek, het waren namelijk twee manen, die helder verlicht waren, vreemd dat me dat niet eerder was opgevallen.
Een moment dwaalden mijn gedachten af naar de eerste mens die voet had gezet op de maan, grappig hier moesten ze twee keer naar de maan vliegen.
Mijn blik werd weer op het meer gericht nadat ik in de verte een plons meende te horen, zeker een vis die opgejaagd werd door een roofvis of iets van dien aard.
Ik staarde in de richting waarvan ik dacht het geluid te horen, ik zag de rimpels zoals die van in het water gegooide steen, alleen waren dit wel erg grote rimpels, een klein visje was het zeker niet geweest.
Maar veel aandacht bestede ik er niet aan, alles was hier anders dus deze grote golven die de vorm hadden van een cirkel zouden wel normaal zijn.
Ik besloot nog een klein stukje te lopen, en dan weer terug naar mijn slaapzak te wandelen, een paar uurtjes slaap zouden me goed doen, ik probeerde de geluiden van de omgeving op te vangen, in onze wereld was het nooit echt stil.
Ik spitste mijn oren, omdat ik dacht voetstappen te horen, zou het een van de Riders zijn die wachtliep??, ik dacht bij mezelf dat het misschien handiger zou zijn als ik me zou melden, ik voegde de daad bij het woord en met een iets verheven stem vroeg ik of er iemand was.
Ik wachtte een klein moment en probeerde het nogmaals maar nu met een iets luidere stem, Hallo is daar iemand!?, weer wachtte ik een moment, ik hoorde toch echt voetstappen, ook al klonken ze een eind verder weg dan een moment geleden.
Ik stond een moment stil het geluid verdween in de verte, volgende keer neem ik een zaklamp of een knijpkat mee mompelde ik in me zelf.
Knijpkatten zijn handige lampen zonder batterijen, als je een knijpende beweging met het handvat maakt dan geeft een knijpkat licht, toch wel handig dat ik er een paar meegenomen heb, dacht ik bij mezelf.
Maar dom dat ik dat ding niet bij me heb, ik wandelde terug naar mijn tent dacht nog een momentje na over de geluiden die ik gehoord had en kroop toen maar in mijn slaapzak, morgen is er weer een nieuwe dag.
Het was een rustig dagje samen met Marieke en Nick ging ik de omgeving verkennen, ik probeerde een beeld te vormen hoe het volk van Ness eens had geleefd.
Alle huizen waren gebouwd om een soort markt, aan de rechter kant van de markt stond een grote put gemaakt van grove stenen met een doorsnede van ongeveer drie meter, er hing nog een emmer aan het touw die aan een rond hout was bevestigt, met daaraan een grote handel waarmee de met water gevulde emmer kon worden opgehesen.
Op 4 palen was een ronde rietenkap gemaakt, die de put moesten beschermen tegen weer en wind.
Aan de andere kant van de markt stond een exacte kopie van deze put, ze lagen ongeveer 25 meter uit elkaar.
Het was geen grote markt, de huizen die er omheen stonden zagen er kaal uit zo zonder daken, deuren en ramen, het leek wel of iemand alles wat van hout was eruit had gesloopt.
Of de houtwurmen hadden het weggevreten maar hoe dan ook het zag er vreemd uit, en als de manen erop schenen dan leek het echt een spookstad.
We liepen richting het meer ik had geen idee waar ik hier een sleutel zou moeten vinden, koning Morogh en zijn volk waren verdwenen, ik zou Torin maar eens raadplegen later op deze dag.
Nadat we het hele dorp door gestruind waren,     en nu op weg naar het meer waren, bleef Marieke ineens stil staan, ik mis iets in dit dorpje!!,Nick en ik keken haar verbaast aan, Nick grinnikte ja mensen en dieren!!, nee…nee…iets heel anders, ik vroeg wat dat volgens haar dan moest zijn.
Nou zegt ze, als er mensen in dit dorp geleefd hebben dan mis ik een paar dingen, als eerste gebruiksvoorwerpen we zagen dan wel kale huizen maar als hier mensen geleefd hebben dan hebben ze ook gekookt, gevist en geslapen.
Maar ik heb geen pan gezien, geen visnet, geen bed, geen stoelen, geen tafels, geen gereedschap helemaal niets, ik vraag me af hoe ze dan geleefd hebben.
Ik zeg verrek je hebt gelijk dat was me nog niet eens opgevallen, we stonden een moment helemaal in onze gedachten gekeerd.
Het lijkt erop dat ze gewoon zijn verhuist en alles hebben meegenomen, en dat ze niet ineens zijn verdwenen vond Nick, ze zijn gewoon vertrokken.
Ja bekende ik daar lijkt het wel op, kom we gaan verder.
Toen we bij het meer aankwamen zagen we een paar Riders rijden langs de oevers van het meer, een eindje verder werd het boogschieten geoefend, een brede glimlach verscheen er op mijn gezicht toen ik een paar Riders met de werphengels zag vissen.
Ze genoten er met volle teugen van, en de vis uit dit meer smaak super, ik zag al een paar vissen op de oever liggen, aan ons avondeten werd volop gewerkt.
We besloten nog een stuk langs de oever te lopen, een Rider stond twee paarden te drenken aan de over van het meer, zo had iedereen zijn eigen taken.
We liepen verder, wat prachtig is het hier of niet pap, Marieke genoot met volle teugen, beide kinderen waren in een korte tijd ander mensen geworden, in onze wereld hadden ze niets met de natuur, niet zoveel tenminste maar hier waren ze helemaal in hun element.
Ik moet terug pa ik heb zo zwaardtraining, oké Nick doe je wel voorzichtig, ja hoor pa tot straks, en wandel ze nog even Nick zwaaide en liep richting het kamp.
Hij begint al een echte Rider te worden vond ik, in onze wereld was het meer de computer en de tv, hij heeft zich snel aangepast met deze gedachten liep ik rustig langs het meer samen met Marieke.
Na een half uurtje gelopen te hebben vond ik het wel welletjes, kom we wandelen weer terug Marieke volgende keer gaan we te paard, lopen is heerlijk maar de afstand moet wel binnen de perken blijven vind ik.
Rustig wandelden we weer terug naar het kamp, ik besloot Torin te raadplegen wie weet kon hij ons voorthelpen.
Ik pakte Torin en vroeg hoe het nu verder moest gaan, ik vertelde Torin dat we het vreemd vonden dat er alleen huizen stonden maar nergens iets van huisraad.
Torin vertelde dat volgens de verhalen, het volk van Ness ineens was verdwenen en dat er nooit meer iets van gehoord was, waar het volk gebleven was wist hij ook niet, er was geen magie die antwoord had kunnen geven op die vraag.
Maar zoals jij het verteld Henk lijkt het er inderdaad op dat ze gewoon vertrokken zijn en hun huisraad meegenomen hebben, maar dan zouden ze vast ergens anders zijn gaan wonen.
En een volk zoals zie van Ness kunnen niet onopgemerkt ergens gaan wonen, en dat maakt het zo vreemd, ze waren ineens verdwenen en ze zijn nergens anders opgedoken.
En ook ik kan met mijn krachten geen antwoord geven op deze vraag, en al helemaal niet waar de sleutel ligt, de sleutel is door diverse spreuken goed beschermt.
Op jou is alle hoop gevestigd, jij ben de zoeker en vinder van de sleutel, je krachten zullen je niet in de steek laten, laat het over je heen komen.
Na een half uurtje met Torin te hebben gepraat, moest ik wel concluderen dat we een beetje vast zaten volgens Torin moesten we geduld hebben.
De zon stond hoog aan de hemel, het was broeierig warm en ik besloot na het eten even het meer in te duiken om mezelf een beetje af te koelen.
Ik was er toch zeker van dat ik mijn zwembroek had ingepakt, het koste me flink zoeken en menig zweet druppeltje maar de aanhouder wint en helemaal onder in mijn koffer vond ik hem.
Toen ik in mijn bermuda zwembroek naar het water liep had ik meer bekijks dan me lief was, met een handdoek om mijn nek en een grote zonnebril op mijn neus moest het voor de Riders wel een heel raar gezicht zijn.
Ik moest er ook wel stiekem om lachen, ik zwaaide naar de verbaast staande Riders, en met een brede glimlach kwam ik aan bij het water, ik spreidde de handdoek netjes op de grond om er vervolgens op te gaan zitten, zittend trok ik mijn schoenen uit.
Even later was ik klaar om het water in te duiken, ik keek nog een keer achterom, zwaaide nog een keer en rende het water in.
Brrrr, het water was kouder dan ik had verwacht, het doel om af te koelen was snel bereikt, het was een verfrissende duik maar door de lage temperatuur van het water was het echter van korte duur, even later zat ik weer op mijn handdoek heerlijk ik de warme zon.
Nick en Theolan kwamen naar me toe lopen, en lekker opgefrist? vroeg Nick, ja dat wel maar het water is echt ijskoud, en dan gaat de lol er snel vanaf.
Ik wil je wel even waarschuwen Khemron, deze wateren zitten niet alleen vol met vis, volgens legendes huizen er ook vreemde monsters in deze diepe wateren.
Dus ik zou een beetje oppassen als ik jou was, stel dat het echt waar is.
Tja, het is een heel andere wereld dan die van ons en na al die wezens die we al tegen waren gekomen besloot ik om maar geen duik meer te nemen, volgens Theolan was het een verstandige beslissing.
De dag ging voorbij zonder dat er nog iets gebeurde, laat op de avond zaten we nog met een klein groepje om het kampvuur, Marieke, Nick, Theolan en nog een paar Riders.
Het onderwerp was de vreemde verdwijning van het volk van Ness, ik denk dat ze gewoon verder zijn getrokken misschien vielen de visvangsten wel tegen, een van de Riders was er stellig van overtuigt dat een volk niet in de lucht kan oplossen en dat ze dus hun boeltje maar hadden opgepakt en verder waren gereisd.

 

 

 

EINDE HOOFDSTUK 22

 

Geef een antwoord

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd.