All for Joomla All for Webmasters

Hoofdstuk 18

Het is echt een hele beleving, met zoveel Riders op hun paarden die er ook nog zo kleurrijk uitzien, om met zoveel Riders te rijden, Faolan had vier verkenners vooruit gestuurd, zodat we altijd op de hoogte waren van wat er voor ons gebeurde.
Faolan legde uit dat de vier ruiter voor ons uitreden in een brede vorm, een soort waaier vorm, zodat de linker en rechter voorhoede ook in de gaten gehouden werden.
Uren reden we, tot we halt hielden, na een korte pauze, ging het weer verder, uren lang, tegen de avond sloegen we ons kamp op, mijn rug voelde ik bijna niet meer, en over mijn billen zal ik al helemaal niet praten, het was een hele lange rit.
De komende dagen gingen zoals de eerste, het landschap die aan ons voorbij trok was werkelijk prachtig, en bijna niet te omschrijven, zo mooi.
Wat dat betreft was het dan ook helemaal geen straf om naar het land van Ness te reizen.
Nick en Marieke vonden het super de reis, en konden er maar geen genoeg van krijgen, vooral Nick was onder de indruk, niet alleen van de natuur, maar vooral van het leven van de Riders, hij kletste wat af, en elke avond oefende hij met zijn zwaard of met boogschieten, hij leek al echt op een Rider.
Na dagen zo gereden en geleefd te hebben, bemerkte ik op dat de lucht veranderde, er was meer wind en de geuren veranderende, een beetje ziltig leek het wel.
Ik vroeg aan de Rider die naast me reed of hij dat ook bemerkt had, dat is de geur van de zee vertelde hij.
Natuurlijk dat ik daar zelf niet aan gedacht had.
Terwijl we zo aan het praten waren, doemde in de verte een snel naderende ruiter op, die in vol galop kwam hij op ons aan stormen, Faolan gaf enkele commando’s en een tiental ruiters galoppeerden hem tegemoet, een paar minuten later vertelde de hevig hijgende Rider dat ze op een kamp van de Goff’s waren gestuit.
In dat kamp waren zeker een vijftigtal Goff’s aanwezig, zwaarbewapende krijgers, die zeker niet tot de vriendelijkste volken behoorden.
De Goff’s stonden ook aan de kant van het kwaad, en zouden ons zeker aanvallen als ze ons zouden bemerken.
De andere Riders hadden zich verdekt opgesteld en hielden de boel in de gaten.
Faolan besloot zelf een kijkje te nemen, ik zou met hem mee gaan, de andere Riders zouden hier wachten op verdere bevelen.
Op een ondergelegen vlakte was het lager van de Goff’s, omdat wij ons op een hoger gelegen deel bevonden keken we er dus van boven op.
Ik pakte mijn kijker en bekeek de vijand, wreed uitziende figuren die rond kampvuren zaten, en die daar grote stukken vlees boven dat vuur stonden te braden.
Ze dronken uit grote bekers, en waren in een wel hele goede stemming, regelmatig klonk er een vreemde lach, die niet echt menselijk leek.
Langzaam bewoog ik mijn kijker over het kamp, aan de rand van het kamp stonden 5 grote palen, die in de grond waren geslagen.
Aan deze palen waren drie mannen en twee vrouwen vast gebonden, ze stonden met de rug tegen de paal, met hun handen achter de rug, die daar waren vastgebonden.
Ik tikte Faolan tegen de schouder en gaf hem de kijker en wees richting de palen.
De gevangenen stonden ongeveer 30 a 40 meter van ons af, aan de kant van de berg waar wij bovenop lagen.
Faolan keek met de kijker die ik hem had gegeven over het kamp, ik pakte mijn mini camera die ik bij me had en bekeek de omgeving van de gevangenen.
Nadat we een half uur alles hadden bekeken trokken we ons terug, Faolan gaf opdracht om de boel te blijven verkennen op afstand 10 Riders werden daar voor aangewezen, die zouden op de uitkijk blijven en ons berichten als er iets gebeurde.
Later in het kamp aangekomen stelde ik voor om de gevangenen te bevrijden, we kunnen ze daar niet laten, wie weet wat er met ze gebeurt, Faolan keek me verwonderd aan.
Nee!!, Klonk het als een geweerschot, we hebben een missie en die mag geen gevaar lopen.
Dan hebben we een probleem Faolan, zei ik, er zitten vrouwen tussen, en wie weet wat de Goff´s wel niet met hun doen.
Nee!!, Knikte ik, ik kan niet doorrijden wetende dat daar gevangenen zijn , wie ik weet niet wat boven het hoofd hangt.
Ik ging met de rug tegen een rotsblok zitten en dacht na over de situatie.
Ik pakte mijn camera en bekeek enkele keren via het scherm waar de gevangenen zaten.
Nadat ik  regelmatig de herhalingen had bekeken, en het door mijn gedachten had laten gaan, riep ik Faolan.
Ik heb een plan Faolan, luister dan zal ik het je uitleggen.
Ik liet de opgenomen beelden aan Faolan zien, en gaf er uitleg bij.
Als je goed kijk zie je daar een soort pad die de berg op loopt, waarschijnlijk een route van wilde dieren, de route lijkt me door mensen goed begaanbaar.
Als wij deze route volgen komen we bij de gevangenen uit, de Goff´s zullen vast niet een aanval van achteren verwachten, we zijn met veel meer.
Er zijn twee opties, of we gaan alleen voor de gevangenen of we gaan helemaal in de aanval.
De eerste optie is de makkelijkste, maar als de Goff´s merken dat de gevangenen weg zijn dan komen ze vast achter ons aan.
De tweede optie is de volgende, we sturen een deel van de Riders via het pad naar beneden, een ander deel van de Riders maakt een omtrekkende beweging, en zullen vanaf die kant in de aanval gaan, de Riders die dan via de achterkant komen zullen dan van achteren aanvallen.
Ik heb een paar infrarood kijkers die door enkele boogschutters gebruikt kunnen worden, drie op hoogte waar wij net zaten, en drie aan de kant van de aanval, we kunnen dan in het donker al heel wat vijanden raken zonder dat ze weten wat er aan de hand is, de rest van de Riders vallen dan aan, als de meeste doelen uitgeschakeld zijn.
Een of twee personen kunnen dan als de aanval in volle gang is de gevangenen bevrijden en naar het kamp brengen.

Faolan keek naar me met een wel heel verbaast gezicht.
Wat is er vroeg ik, je ben een echte aanvoerder, het is een perfect plan, ik had dat zelf niet beter kunnen bedenken.
Even later zaten we het hele plan uit te werken, we brachten de Riders op de hoogte en legde onze plannen uit, de Riders waren vol aandacht ze hadden wel zin in wat actie, en vooral tegen deze gewetenloze Goff´s, die echt over lijken gingen en alles uitmoorden en plunderden wat maar voor hun voeten kwam.
Nick zou met de Riders meegaan die de aanval in zouden zetten.
Hij zou een walkie talkie meenemen om de communicatie te verzorgen, dit samen met Marieke die met de anderen mee zou gaan.
Het hele plan werd doorgenomen en nog eens doorgenomen, Riders werden aangewezen en taken werden verdeeld, langzaam maar zeker viel duisternis in.
Binnen een mum van tijd stond iedereen klaar, het plan was dat door enkele boogschutters met infrarood kijkers, zoveel mogelijk Goff’s  zouden worden uitgeschakeld, en als zei hun werk goed deden zouden het grootste deel van de Goff’s worden uitgeschakeld in hun slaap.
Faolan leidde de aanvaller, ik zou de gevangenen bevrijden, omdat ik net zoals Marieke en Nick niet mee zou vechten, of het zou niet anders kunnen, we waren te belangrijk.
Toen de duisternis was ingevallen kregen we het sein om ons gereed te maken en naar onze posities te gaan, de Riders met de infrarood kijker hadden hun plaatst al iets eerder ingenomen, het waren net snipers (moderne sluipschutters) maar dan met pijl en boog .
Toen wij via het pad voorzichtig op weg waren naar beneden, waren zei met hun kijkers het lager gelegen kamp van de Goff’s al aan het verkennen, ze zochten hun doelen, als het sein zou komen hoefde ze dan niet zolang te zoeken.
Het was niet erg gemakkelijk om het pad te vinden maar ook de Rider die voorop liep was voorzien van een infrarood kijker, dus het was te doen.
Beneden aangekomen moesten we een tijdje wachten, als de roep van een nacht vogel klonk, zouden de boogschutters hun werk doen.
Via de walkie talkie zouden we horen wanneer de aanval zou beginnen.
Enkele tellen later klonk de roep van een nachtvogel, ik probeerde het snorren van een pijl te horen, maar het bleef erg stil.
Alle Riders stonden in gereedheid, ik hoorde Marieke fluisteren in de walkie talkie, even wachten nog gaf ze aan ons door.
We hadden afgesproken dat de aanval van de Riders zo stil mogelijk zou verlopen, er zou dan mogelijkerwijs minder weerstand zijn, omdat vele Goff’s lagen te slapen.

Even later kwam het commando voor de aanval, op een brede linie slopen de Riders het kamp in.

Ik ging in een sluipende beweging naar de palen met de gevangenen, overal om me heen hoorde ik geluiden, ik concentreerde me op de gevangenen, ik legde de hand op hun mond en sneed de touwen door, en gebaarde dat ze moesten bukken, ik wees ze naar een plek waar ze naar toe moesten, gewillig deden ze precies wat ik van ze vroeg, nadat ik ze alle vijf losgesneden had ging ik ze voor, ik gebaarde dat ze moesten volgen, onder aan het pad waar Marieke zat, bleven we wachten, ik vroeg fluisterend aan Marieke of ze al meer wist, maar ze had nog niets gehoord, even later kwam het verlossende antwoord van Nick, de kust was veilig, het kamp was in onze handen, overal in het kamp werden fakkels ontstoken.

EINDE HOOFDSTUK 18

Geef een antwoord

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd.